De Legende van Apollo van Rijn

De verloren meester terug gevonden

Wat niet in de presentatie zat

De dag na Jessica's presentatie kom ik haar toevallig tegen in de bedrijfskantine. Ze zit met een kop koffie aan een tafeltje bij het raam en bladert nog eens door haar aantekeningen. Wanneer ze me ziet, verschijnt direct een glimlach op haar gezicht en komt naar me toe.

Kantine overleg

"Nogmaals gefeliciteerd," zeg ik terwijl ik tegenover haar ga zitten.
"Je presentatie was indrukwekkend. Je had de directeur zelfs een tijdje stil."

Ze moet lachen.

"Dat gebeurt niet vaak, geloof ik."

"Nee," antwoord ik. "Maar ik had het idee dat je nog lang niet alles hebt verteld."

Ze knikt.

"Dat klopt ook. Ik had veel te veel materiaal verzameld. De helft is uiteindelijk niet in de presentatie terechtgekomen."

Mijn nieuwsgierigheid is direct gewekt.

"Vertel."

Ze schuift haar map iets dichter naar zich toe.

"Ik heb me een tijdje verdiept in schilders die dieren niet zomaar als decoratie gebruikten, maar ze echt een hoofdrol gaven. Vooral katten en honden."

Dat onderwerp past natuurlijk perfect bij ons onderzoek. Inmiddels weten we dat dieren in de zeventiende eeuw soms veel meer betekenis hadden dan op het eerste gezicht lijkt.

Jessica begint enthousiast te vertellen.

Kleine kat - Cornelis Visscher.

"Een van de eerste kunstenaars waar ik op uitkwam was Cornelis Visscher. Hij maakte prachtige studies van katten. Bekend zijn onder andere Kleine Kat, Grote Kat en Kat likt kaarsvet van de kandelaar, allemaal uit ongeveer 1657. Geen aanwijzingen voor Apollo, maar wel bijzonder realistische dierstudies."

Ik knik instemmend.

"Daarna kwam ik terecht bij Paul de Vos. Zijn schilderij Katten vechten in de voorraadkast uit ongeveer 1630 tot 1640 is een enorme chaos van vechtende katten. Heel levendig geschilderd."

Ze bladert verder.

"Zelfs Leonardo da Vinci hield zich ermee bezig. Rond 1513 maakte hij een reeks studies van katten, draken en andere dieren. Je ziet daarin hoe hij beweging probeerde te begrijpen. Het zijn geen schilderijen, maar studies, en juist daardoor ontzettend fascinerend."

Ik had eerlijk gezegd nooit geweten dat Da Vinci zoveel katten had getekend.

"En dan is er nog Bacchiacca," vervolgt Jessica. "Portret van een jonge vrouw met kat, geschilderd ergens tussen 1525 en 1530. Een prachtig renaissanceportret waarbij de kat duidelijk onderdeel van de compositie is."

Ze neemt een slok koffie.

"Wat ik persoonlijk misschien nog wel het leukst vond, zijn de schilderijen van Abraham Teniers. Hij schilderde katten en apen alsof ze mensen waren. Drinkend, musicerend, kaarten spelend... Eigenlijk een beetje satire."

Ik moet lachen.

"Dat had Apollo vast kunnen waarderen."

"Dat denk ik ook."

Even blijft het stil.


Dan schuift Jessica een afdruk naar me toe.

"Maar uiteindelijk bleef ik steeds terugkomen bij één schilder."

Ik kijk naar de afbeelding.

Een jonge man houdt een kat liefdevol in zijn armen.

"Judith Leyster," zegt Jessica.

Het schilderij draagt de titel Jonge man die een kat aait en is rond 1635 geschilderd.

"Toen ik deze kat beter bekeek," vervolgt ze, "viel me iets op. De bouw, de lange staart, de volle kraag rond de hals en de vorm van de kop... Als je met de kennis van nu kijkt, heeft het dier opvallend veel kenmerken van wat wij tegenwoordig een Maine Coon zouden noemen."

Ik bestudeer de afbeelding aandachtig.

"Dat zou betekenen dat zulke katten veel eerder in Europa voorkwamen dan vaak wordt aangenomen."

Jessica haalt haar schouders op.

"Misschien. Maar het blijft speculatie. Bovendien zit er meteen een probleem aan."

"De datum."

Ze knikt.

"1635. Dat is te vroeg om een verband met Apollo te leggen. Volgens alles wat we inmiddels weten, kan dit onmogelijk één van zijn katten zijn geweest."

Even lijkt ze teleurgesteld.

"Maar toch bleef ik zoeken."

Kat likt kaarsvet van de kandelaar

Ze draait draait nu twee afbeeldingen om.

Naast het schilderij van Judith Leyster "Zelfportret" ligt een reproductie van een zelfportret van Apollo.

Ik kijk van het ene naar het andere schilderij.

De overeenkomst is opvallend.

Beide kunstenaars zitten achter een schildersezel. Beiden kijken de beschouwer recht aan terwijl ze bezig zijn met schilderen. Zelfs de houding van hun lichaam en de plaats van het schildermateriaal vertonen verrassend veel gelijkenissen.

"Dat viel mij dus ook op," zegt Jessica.

"Dat kan bijna geen toeval zijn."

"Misschien wel, misschien niet," antwoordt ze. "Maar er is nog iets."

Ze wacht even voordat ze verdergaat.

"Judith Leyster werd eeuwenlang nauwelijks genoemd. Veel van haar werk werd zelfs toegeschreven aan Frans Hals of andere tijdgenoten. Pas eeuwen later kreeg ze eindelijk de erkenning die ze verdiende."

Ik kijk opnieuw naar de twee schilderijen.

"Net als Apollo."

Jessica glimlacht.

"Precies."

Dat was misschien wel de mooiste ontdekking van haar hele onderzoek.

Niet omdat er een directe relatie tussen beide kunstenaars bestaat.

Maar omdat de geschiedenis soms opmerkelijke parallellen kent.

Sommige kunstenaars verdwijnen uit de geschiedenis, niet omdat ze geen talent hadden, maar simpelweg omdat niemand meer wist wie ze waren.

Apollo van Rijn was daar misschien wel het meest extreme voorbeeld van.

We zitten nog na te praten wanneer mijn telefoon begint te trillen.

Op het scherm verschijnt de naam van Antoinette ten Bruggencate.

Ik neem op.

"Met Robert."

Aan de andere kant van de lijn klinkt haar stem opvallend opgewonden.

"Robert... ik lig met mijn boot in Loosdrecht. Ik denk dat ik iets heb gevonden dat je met eigen ogen moet komen bekijken."

Ik kijk Jessica aan.

Ze ziet meteen aan mijn gezicht dat er iets bijzonders aan de hand is.

"Wat is er?" vraagt ze.

Ik stop mijn telefoon terug in mijn zak.

"Ik heb het gevoel," zeg ik terwijl ik opsta, "dat Apollo zojuist een nieuwe hoofdstuk heeft aangekondigd."

Kantine overleg
Let op: De Legende van Apollo van Rijn is een fictief verhaal. Lees meer op de pagina Over dit project.
« Vorige Overzicht Volgende »

Vond je dit leuk om te zien? Meld je aan voor de nieuwsbrief en mis geen enkele update.