Kraaien op korenvelden.
Hoofdstuk 48
Na alle ontrafelingen van de afgelopen dagen is het heerlijk om vandaag gewoon even toerist te zijn. Er staan geen afspraken op het programma. Tenminste, als er al een programmaboekje zou zijn geweest, had er waarschijnlijk "vrij te besteden" op gestaan.
Zoals iedere ochtend treffen we elkaar weer bij het ontbijt. De gesprekken gaan vanzelfsprekend over alles wat we de afgelopen dagen hebben meegemaakt. Het wonder van Parijs, brug over de Seine en Schaapsherder met zwarte hond bij Auvers-sur-Oise passeren opnieuw de revue.
Jessica neemt een slok van haar koffie en kijkt peinzend voor zich uit.
"Eigenlijk is er hier in Parijs iets veranderd in Apollo's werk," zegt ze. "In Nederland schilderde hij vooral dieren uit zijn eigen omgeving. Hier zie je ineens landschappen en zelfs een stadsgezicht."
Antoinette knikt instemmend.
"Dat zie je wel vaker bij kunstenaars. Een nieuwe omgeving, andere opdrachtgevers, nieuwe indrukken. Alles kan invloed hebben op de ontwikkeling van een schilder."
"Misschien paste hij zich wel aan de smaak van zijn Parijse opdrachtgevers aan," vult Anita aan. "Of misschien voelde hij zich eindelijk vrij om iets anders te schilderen."
Ik luister nauwelijks meer.
Een opmerking van twee dagen geleden schiet plotseling door mijn hoofd.
"Je zei vijf."
Iedereen kijkt me vragend aan.
Ik blijf Antoinette aankijken.
"Je zei vijf."
Langzaam zie ik haar ogen groter worden.
"Natuurlijk..." fluistert ze bijna tegen zichzelf.
Jessica en Anita kijken elkaar verbaasd aan.
"Vertelt iemand ons ook waar dit over gaat?" vraagt Anita.
Antoinette glimlacht.
"Toen we in het Louvre waren heb ik opgezocht wie Mathieu Delacourt eigenlijk was. De beschrijving eindigde met één opmerkelijke zin."
Ze kijkt ons één voor één aan.
"Er waren slechts vijf schilderijen aan hem toegeschreven."
Bij Jessica valt meteen het kwartje.
"Maar... we hebben er pas vier gezien."
Precies.
Waar is dat vijfde schilderij?
Onze vrije dag krijgt onverwacht toch een doel.
Binnen enkele minuten staan er twee MacBooks open op tafel. Anita en Jessica zoeken in digitale catalogi, museumdatabases en oude veilingregisters, terwijl Antoinette en ik iedereen bellen die ons misschien verder kan helpen.
Na ruim twee uur zoeken zijn we nauwelijks verder dan toen we begonnen.
Het lijkt alsof het vijfde schilderij eenvoudigweg niet bestaat.
"Misschien is het verloren gegaan," oppert Anita.
"Of hangt het in een particuliere verzameling," zegt Jessica.
Niemand klinkt overtuigd.
In een laatste poging besluiten we naar Fondation Custodia te gaan. Een goede vriend van mij, inmiddels helaas overleden, was daar jarenlang directeur. Misschien is er in zijn archief nog iets terug te vinden. Bovendien kent Anita de instelling goed; Fondation Custodia doet veel wetenschappelijk onderzoek en publiceert regelmatig over oude meesters.
We verwachten eerlijk gezegd weinig.
De vriendelijke medewerker achter de balie luistert aandachtig naar ons verhaal.
Hij denkt even na.
Dan zegt hij slechts drie woorden.
"Die hangt hier."
Een paar seconden blijft het stil.
"Neem me niet kwalijk?" vraag ik.
"Het schilderij waar u naar zoekt," antwoordt hij alsof het de normaalste zaak van de wereld is.
Ik moet alle moeite doen om hem niet in mijn enthousiasme voorbij te lopen.
Antoinette blijft gelukkig de rust zelve.
"Zou u ons erheen willen brengen?"
Even later blijven we alle vier stokstijf staan.
Voor ons hangt een schilderij dat onmiddellijk herkenbaar is.
De donkere wolken.
Het goudgele koren.
Een zwerm zwarte kraaien die dreigend boven het landschap cirkelt.
Niemand hoeft iets te zeggen.
Dit is zonder enige twijfel een werk van Apollo van Rijn.
Misschien wel het mooiste dat we tot nu toe hebben gezien.
Zoals altijd richt Antoinette haar aandacht eerst op het informatiebordje.
Corbeaux dans les champs de blé (Kraaien op korenvelden)
Mathieu Delacourt
1667
Meer informatie staat er niet.
Ik kijk lachend naar Jessica.
"Wat weet jij eigenlijk van kraaien?"
Ze kijkt me met een stalen gezicht aan.
"Meer dan je denkt."
We wachten op de rest van haar uitleg.
"Ze zijn zwart."
Zelfs de medewerker moet lachen.
Na alle spanning van de afgelopen dagen voelt het heerlijk om gewoon even zorgeloos te kunnen genieten van deze ontdekking.
"Hoe is dit schilderij eigenlijk bij jullie terechtgekomen?" vraagt Antoinette.
De medewerker denkt even na.
"Kom maar mee. De conservator is vandaag afwezig, maar misschien kunnen we samen iets terugvinden in het archief."
Dat laten we ons geen twee keer zeggen.
Tussen oude inventarisboeken, aankoopregisters en vergeelde correspondentie reconstrueren we stap voor stap de herkomst.
Het schilderij blijkt in 1964 te zijn aangekocht door Frits Lugt, de oprichter van Fondation Custodia. Hij kocht het destijds van Maison Goupil & Cie, de beroemde internationale kunsthandel.
Ik kijk onmiddellijk naar Antoinette.
Zij kijkt terug.
We zeggen niets.
Maar we denken precies hetzelfde.
Voor Anita en Jessica zijn het slechts twee namen uit een archief.
Voor ons zijn het ineens twee ontbrekende puzzelstukken die precies op hun plaats vallen.
Er valt nog veel uit te zoeken.
Veel meer dan we in Parijs kunnen doen.
Wanneer we Fondation Custodia verlaten, draai ik me nog één keer om naar het schilderij.
We waren naar Parijs gekomen in de hoop een paar aanwijzingen te vinden.
We vertrekken met vijf schilderijen, een vrijwel complete Parijse periode van Apollo van Rijn en nieuwe sporen die verder reiken dan we ooit hadden durven vermoeden.
Parijs heeft zijn geheimen prijsgegeven.
Nu is het tijd om terug te keren naar Amsterdam en uit te zoeken wat al die geheimen werkelijk betekenen.
Let op: De Legende van Apollo van Rijn is een fictief verhaal. Lees meer op de pagina Over dit project.
Vond je dit leuk om te zien? Meld je aan voor de nieuwsbrief en mis geen enkele update.