De Legende van Apollo van Rijn

De verloren meester teruggevonden

Den Haag komt in beeld

Hoofdstuk 59

Door de vondst van het grafmonument en het Staatsieportret van Hendrik Haringh was dit zonder meer de zwaarste week van ons onderzoek. We hadden allemaal het gevoel dat dit het was. We hadden Hendrik Haringh gevonden, we konden de nodige bewijsstukken overleggen en daarmee leek het onderzoek tot een einde te zijn gekomen.

Het kost me moeite om het team, maar ook mezelf, weer te motiveren om verder te gaan. We waren tenslotte niet op zoek naar Hendrik Haringh. We zijn nog steeds op zoek naar Apollo van Rijn. En hoewel we inmiddels ontzettend ver zijn gekomen, is dat onderzoek nog lang niet klaar.

Afgesproken bij Koffiehuis ’t Statenplein in Den Haag

Het houden van peptalks is bepaald niet mijn sterkste eigenschap, maar toch zie ik langzaam iets veranderen in de gezichten om me heen. De vermoeidheid maakt plaats voor nieuwsgierigheid.

“Er is nog steeds maar één schilderij uit Den Haag,” zeg ik. “Dat lijkt me toch een aanknopingspunt.”

Anita kijkt op.

“Apollo ondertekende nooit zijn schilderijen. Maar het Staatsieportret Hendrik Haringh en Pluisje in een Haagse Vensterbank zijn wel ondertekend. En beide schilderijen zijn gemaakt ná het overlijden van Hendrik Haringh.”

“Alsof het nu pas tijd was om naar buiten te treden,” vult Antoinette aan.

Ze denkt even na en vervolgt dan:

“Er is nog iets. Er was ook een Haagse kunstenaar die we misschien eens nader moeten bekijken. Jan Anthonisz. van Ravesteyn. Hij was een succesvolle portretschilder aan het hof in Den Haag en zijn naam werd vaak afgekort tot A. v. R. Daar zou in de loop der tijd best wel eens iets verkeerd gelabeld kunnen zijn.”

Dat is genoeg om de motor weer aan te zetten.

We spreken af dat we de komende tijd het Kunstmuseum Den Haag binnenstebuiten gaan keren. We spreken om half tien af bij een van de laatst overgebleven typisch Haagse koffiehuizen: Koffiehuis ’t Statenplein, direct om de hoek bij het museum.

De komende dagen zullen we er waarschijnlijk tot de vaste klantenkring gaan behoren. “Ik wil alle schilderijen zien,” zeg ik. “En bij iedere twijfel gaan we verder zoeken. Het kan gewoon niet dat hier in Den Haag niets meer te vinden is.”

Het Haagse koffiehuis staat erom bekend dat alle wereldse problemen binnen twee koppen koffie en een gevulde koek kunnen worden opgelost.

Maar deze ochtend komt Antoinette inderdaad met een ontdekking die het koffiehuis op zijn grondvesten doet schudden.

Althans, voor ons.

Ze schuift haar koffie iets opzij en kijkt ons een voor een aan.

“Hendrik Haringh had een neef die óók kunstschilder was.”

We kijken haar aan.

“Daniël Haringh,” vervolgt ze. “En hij woonde hier. In Loosduinen.”

Het blijft even stil.

Ik kijk naar Anita. Zij kijkt naar Antoinette.

Een Haagse schilder. Familie van Hendrik Haringh. En woonachtig in precies dezelfde omgeving waar wij nu verder gaan zoeken.

Dan valt bij mij het kwartje.

“Dat zou dus de reden kunnen zijn geweest dat Apollo van Rijn naar Den Haag kwam.”

Niemand zegt iets.

We hoeven het eigenlijk ook niet te zeggen.

Want ineens voelt Den Haag niet meer als de laatste plek waar we nog iets moeten zoeken.

Het voelt als de plek waar we hadden moeten beginnen.

ingekleude pentekening van de Ridderzaal in Den Haag.

Let op: De Legende van Apollo van Rijn is een fictief verhaal. Lees meer op de pagina Over dit project.

« Vorige Inhoud Volgende »

Vond je dit leuk om te zien? Meld je aan voor de nieuwsbrief en mis geen enkele update.