De Legende van Apollo van Rijn

De verloren meester teruggevonden

De vier molens aan de Loosduinsevaart

Hoofdstuk 63

Anita kon het toch niet laten.

Hoewel we eigenlijk hadden afgesproken dat we de schilderijen in het depot voorlopig alleen zouden registreren en bewaren voor later onderzoek, bleef dat ene landschapsschilderij aan haar trekken. Er waren dingen aan het werk die haar niet lekker zaten. Niet genoeg om meteen grote conclusies aan te verbinden, maar wel genoeg om nieuwsgierig te worden.

Dus verdween het schilderij opnieuw naar het LAB.

Jessica doet onderzoek aan Vier molens aan de loosduinsevaart.

"Ik wil alleen even kijken wat die verf ons vertelt," had Anita gezegd.

We wisten inmiddels allemaal wat ‘even’ bij Anita betekende.

Een paar snelle tests werden er uiteindelijk heel wat meer. Pigmenten werden bekeken, de structuur van de verflaag werd onderzocht en verschillende plekken op het schilderij werden met elkaar vergeleken. Anita wilde vooral weten waarom dit werk een iets andere uitstraling had dan de andere schilderijen die we inmiddels aan Apollo van Rijn hadden toegeschreven.

Alsof dat nog niet genoeg was, had ze ook Antoinette gevraagd om zich met de achtergrond van het schilderij bezig te houden.

En zo werd een weekend opgeofferd aan een schilderij waar we eigenlijk nog niets mee hoefden.

Toen we maandag weer bij elkaar waren, kwam Anita met een tevreden gezicht binnen.

"We hebben hem."

"Wie?"

"Niet wie. Waar.

Ze legde een aantal foto's en aantekeningen op tafel.

"De locatie. Ik denk dat we weten waar Apollo dit heeft geschilderd."

Antoinette schoof haar stoel iets dichterbij.

"De Loosduinsevaart."

Even was het stil.

De naam zei ons natuurlijk wel iets, maar in de zeventiende eeuw zag het landschap er heel anders uit dan het Den Haag dat wij nu kenden.

De Loosduinsevaart was het verbindingskanaal dat in 1645 was gegraven om goederen vanuit Loosduinen over het water naar Den Haag te kunnen vervoeren. Langs het water lagen molens, akkers en boerenbedrijven. Het was geen stedelijk landschap, maar een overgangsgebied tussen het dorp Loosduinen en de stad Den Haag.

We keken opnieuw naar het schilderij.

Vier molens, water, een lage horizon en een landschap dat zich bijna vanzelf naar de verte leek uit te strekken.

"Eigenlijk is het nu heel logisch," zei Jessica.

Anita knikte.

"Precies. We hebben het schilderij daarom maar meteen een titel gegeven."

Ze draaide het notitieboekje naar ons toe.

"En voordat jullie vragen gaan stellen," zei Anita, "ja, ik heb ook het LAB-onderzoek afgerond."

Daar waren we natuurlijk benieuwd naar.

Anita ging er even voor zitten.

"Wat ik vreemd aan het schilderij vond, is in het LAB duidelijk geworden. Apollo, ja, het is een Apollo van Rijn, gebruikte op dit schilderij andere verf dan hij normaal gebruikte."

Ze pakte een van haar foto's erbij.

"Schilders maakten in de zeventiende eeuw nog grotendeels hun eigen verf. Voor ons is dat eigenlijk heel handig. Aan de samenstelling van de verf kunnen we soms niet alleen de schilder herkennen, maar ook iets zeggen over het atelier waarin een werk is ontstaan."

Ze wees naar de vergroting.

"Dit schilderij wijkt daarin af van wat we tot nu toe van Apollo kennen. Mijn vermoeden is dat dit het eerste schilderij is dat hij hier maakte en dat hij daarbij verf van Daniël Haringh heeft gebruikt."

"Daniël Haringh schilderde dunner," vulde Antoinette aan.

"Inderdaad. Veel minder dik. Voor portretten was dat vaak juist een voordeel. Apollo heeft met die dunnere verf geprobeerd om toch met meerdere lagen zijn diepte te creëren. Dat is hem overigens maar ten dele gelukt.

Vandaar die licht afwijkende structuur die we op het schilderij zien."

Ze keek nog eens naar de foto.

"Maar het is zonder twijfel zijn hand."

"En het jaartal?" vroeg ik.

Niemand zei iets.

Niet omdat het een spectaculaire ontdekking was. Juist omdat het dat niet was.

Het was een schilderij uit 1668. Een landschap. Vier molens aan een vaart.

Geen grafmonument, geen verdwenen meester, geen internationale kunsthandel en geen historische sensatie.

Gewoon een schilder die ergens langs het water had gestaan en had geschilderd wat hij zag.

En misschien was dat juist wel het mooie eraan.

Antoinette had ondertussen haar eigen aantekeningen erbij gepakt.

"Daniël Haringh woonde en had zijn atelier in Loosduinen. Dat was in de zeventiende eeuw niet meer dan een klein dorpje. De grond was er arm en zanderig en het gebied bestond voornamelijk uit boerenhoeves, duinen en akkers."

Ze wees naar het schilderij.

"Rond de abdijkerk lag een kleine dorpskern. En juist in die zeventiende eeuw werden hier ook de eerste buitenplaatsen gebouwd door rijkere Hagenaars. Dat waren natuurlijk interessante klanten voor iemand als Daniël Haringh."

Ze zweeg even en keek vervolgens naar ons.

"Ik zou nog kunnen vertellen dat die abdijkerk wellicht het oudste gebouw in Den Haag is en dat Margaretha van Henneberg, de jongste dochter van graaf Floris IV, daar begraven ligt."

Ze glimlachte.

"Maar dan wijk ik wel erg af van het schilderij."

"Een beetje maar," zei Jessica.

We moesten lachen.

Voor het eerst in lange tijd voelde het alsof we niet achter een ontdekking aan renden.

We stonden gewoon met elkaar naar een schilderij te kijken.

Een stukje Loosduinen uit 1668.

Vier molens langs het water.

En ergens daar, bijna vier eeuwen geleden, had Apollo van Rijn zijn ezel neergezet, zijn verf gemengd en geprobeerd het landschap voor altijd vast te leggen.

Soms hoefde een schilderij niet meer te vertellen dan dat.

De vier molens aan de Loosduinsevaart geschilderd door Apollo van Rijn in 1668

Onderzoeksdossier – Werk 10

Titel: Vier molens aan de Loosduinsevaart.
Datering: 1668
Techniek: Olieverf op doek
Status: Authentiek verklaard

Let op: De Legende van Apollo van Rijn is een fictief verhaal. Lees meer op de pagina Over dit project.

« Vorige Inhoud Volgende »

Vond je dit leuk om te zien? Meld je aan voor de nieuwsbrief en mis geen enkele update.