De Legende van Apollo van Rijn

De verloren meester terug gevonden

7839 Boeken.

Hoofdstuk 39

Nog voordat het echte onderzoek kon beginnen, moest eerst de enorme berg boeken worden verwerkt. In totaal waren er 7.839 boeken uit de oude Antwerpse boekhandel naar het CollectieCentrum Nederland overgebracht. Alleen al het aantal maakte duidelijk dat dit geen project van een paar dagen zou worden.

De eerste stap was eenvoudig maar noodzakelijk. Ieder boek werd voorzichtig stofvrij gemaakt, geregistreerd en vervolgens ondergebracht in een hoofdcategorie.

De boeken worden gearchiveerd in het CollectieCentrum Nederland.

De archivisten verdeelden de collectie in:


• Moderne boeken (na 1900)

• Negentiende-eeuwse boeken (1800–1900)

• Achttiende-eeuwse boeken (1700–1800)

• Zeventiende-eeuwse drukken (1600–1700)

• Handschriften

• Tekeningen en schetsboeken

• Kaarten, prenten en gravures

• Bijbels en religieuze werken

• Beschadigd materiaal

• Onbekende objecten


Voor ons onderzoek was vooral de vierde categorie van groot belang. De zeventiende-eeuwse drukken werden met extra zorg behandeld. Daarnaast gaf ik een aanvullende instructie.

Alles wat ook maar iets met kunst te maken had, moest onmiddellijk apart worden gelegd en afzonderlijk worden geregistreerd.

Daaronder vielen onder andere:


• Sint-Lucasgilde

• schilderkunst

• tekenonderwijs

• anatomie

• perspectief

• pigmenten en verfbereiding

• kunsthandel

• veilingcatalogi

• brieven van kunstenaars

• kasboeken van boek- en papierhandelaren


Juist die laatste categorie kon wel eens de sleutel vormen tot ons onderzoek.

Nadat ik Arthur Scheepmaker, de archivaris die het project leidde, alle instructies had gegeven, wenste ik het complete team succes.

"Tot volgende week," zei ik terwijl ik de deur uit liep.

Dat bleek een optimistische inschatting.

"Volgende week?" riep iemand lachend.

"Misschien volgend jaar!"

De rest van het team barstte in lachen uit. Bijna achtduizend boeken uitzoeken was inderdaad geen klus die je even tussendoor deed.


Ik stapte in de auto en reed naar Amsterdam, waar Anita inmiddels begonnen was met het onderzoeken van de gevonden kasboeken.

Het kasboek uit 1659 laat zien hoe de tijd het heeft aangetast

Een week later lag haar eerste rapport klaar.

Ze keek me glimlachend aan.

"De jaartallen kloppen."

"Dat is mooi," antwoordde ik. "Maar van welke Van Rijn zijn die boeken nu eigenlijk?"

Anita schoof haar aantekeningen naar voren.

"Daar heb ik behoorlijk wat tijd in gestoken."

Ze vertelde hoe ze archieven had geraadpleegd, kunstenaarsregisters had vergeleken en verschillende bronnen naast elkaar had gelegd. Ze had iedere bekende schilder met de naam Van Rijn onderzocht.

"Het is niet de schilder Jan van Rijn die in Den Haag en Duinkerken actief was."

Ze schudde haar hoofd.

"En het kan ook Rembrandt niet zijn."

"Waarom niet?"

"Omdat de data eenvoudigweg niet overeenkomen. Bovendien passen de namen, de betalingen en de locaties veel beter bij iemand die in 1658 in Zeeland en een jaar later in Antwerpen actief was."

Ze sloeg haar notitieboek dicht.

"En als je vervolgens kijkt welke schilder met de naam Van Rijn dan nog overblijft..."

Ze liet een korte stilte vallen.

"...dan kom je uit bij Apollo van Rijn."

Ik knikte langzaam.

Eigenlijk was het precies wat we al vermoedden, maar het voelde anders wanneer een ervaren onderzoeker die conclusie na uitgebreid bronnenonderzoek uitsprak.

"En die afkorting..." vroeg ik. "S-lg – V?"

Anita glimlachte.

"Dat was eenvoudiger dan ik dacht."

"S-lg staat voor Sint-Lucasgilde."

"En de V?"

"Voldaan."

"En NV?"

"Niet voldaan."

Ze moest lachen.

"De meeste schilders leefden in die tijd niet bepaald in luxe. Lidmaatschap van het gilde werd regelmatig pas betaald wanneer er weer eens een schilderij verkocht was."

Dat klonk eigenlijk verrassend herkenbaar.


Nog geen twee dagen later ging mijn telefoon.

"Met Arthur."

"Hebben jullie iets gevonden?"

"Misschien."

Dat ene woord maakte me direct nieuwsgierig.

"Je had toch gezegd dat ik alles uit de zeventiende eeuw wat voor jouw onderzoek interessant kon zijn apart moest houden?"

"Dat klopt."

"Nou... ik heb iets gevonden wat daar eigenlijk helemaal niet tussen hoort."

Ik wachtte af.

"Een kasboek."

"Uit de zeventiende eeuw?"

"Nee."

Hij liet bewust een korte stilte vallen.

"Uit eind 1885 en begin 1886."

Mijn nieuwsgierigheid nam alleen maar toe.

"En?"

"Volgens mij staat hier meerdere keren V. Gogh vermeld."

Ik zei niets.

"Ik heb het even gecontroleerd," vervolgde Arthur. "Een snelle zoekopdracht bevestigt dat Vincent van Gogh in precies die periode in Antwerpen verbleef."

Ik leunde achterover.

Van Gogh was niet mijn vakgebied, maar ik wist genoeg van zijn leven om te weten dat hij inderdaad in 1885 naar Antwerpen verhuisde om daar aan de kunstacademie te studeren.

"Leg het apart," zei ik.

"Ik kom het vanmiddag ophalen."


Toen ik ophing, bleef ik nog even voor me uit kijken.

Op het eerste gezicht leek het een sensationele ontdekking.

Apollo van Rijn en Vincent van Gogh in dezelfde boekwinkel.

Dat zou prachtige krantenkoppen opleveren. Maar eigenlijk was het helemaal niet zo vreemd. De boekhandel bestond al bijna vierhonderd jaar. Dat zowel Apollo van Rijn als Vincent van Gogh daar ooit hun boeken hadden gekocht, was misschien wel bijzonder... ...maar vooral ook volkomen logisch.

Toch wilde ik dat kasboek met eigen ogen zien. Je wist inmiddels nooit meer welke verrassing er op de volgende bladzijde verborgen lag.

Cartoon Vincent van Gogh in de voetsporen van Apollo van Rijn.
Let op: De Legende van Apollo van Rijn is een fictief verhaal. Lees meer op de pagina Over dit project.
« Vorige Overzicht Volgende »

Vond je dit leuk om te zien? Meld je aan voor de nieuwsbrief en mis geen enkele update.