Het Geheim in het Depot
Sommige ontdekkingen beginnen niet met trompetgeschal, maar met stof.
Diep onder de eeuwenoude zalen van het Rijksmuseum, waar duizenden objecten wachten op restauratie, onderzoek of een nieuwe bestemming, werd tijdens een inventarisatie een vergeten houten transportkist aangetroffen. De zware kist, bedekt met een dikke laag stof en spinrag, stond weggeschoven achter een rij oude schilderijlijsten. Op het verweerde deksel stond met zwarte verf slechts één korte aanduiding:
"Schilder – onbekend."
Niemand wist hoe lang de kist daar had gestaan. Oude registraties boden geen uitsluitsel. Mogelijk was zij tijdens een verhuizing verkeerd gecatalogiseerd, misschien was zij simpelweg in de vergetelheid geraakt.
Toen de roestige sluitingen voorzichtig werden geopend, kwam een zorgvuldig in vergeeld linnen verpakt schilderij tevoorschijn. Na het verwijderen van de beschermende doeken verscheen het portret van een jonge man, verdiept in een boek. Het licht viel op zijn gezicht zoals alleen de grote meesters van de zeventiende eeuw dat leken te beheersen. De penseelvoering was zelfverzekerd, de kleuren warm en de compositie opvallend evenwichtig.
Toch ontbrak iedere handtekening.
Op de achterzijde van het doek werden slechts enkele vervaagde letters aangetroffen die nauwelijks leesbaar waren. Restauratoren konden er niet direct wijs uit worden. Het werk werd overgebracht naar het restauratieatelier voor nader onderzoek.
Wat aanvankelijk werd beschouwd als een interessant, maar anoniem schilderij, bleek al snel veel meer vragen op te roepen dan antwoorden te geven. De gebruikte pigmenten kwamen overeen met materialen uit de Gouden Eeuw. Het linnen bleek van uitzonderlijke kwaliteit en de opbouw van de verflaag vertoonde kenmerken die sterk deden denken aan de kring rond Rembrandt.
Maar er was iets bijzonders.
De onbekende schilder bezat een eigen handschrift. Het spel van licht en schaduw was verfijnd, de blik van de geportretteerde uitzonderlijk levendig en de subtiele details verrieden een kunstenaar met een opmerkelijk talent.
Wie was deze meester?
Waarom was zijn naam verdwenen uit de geschiedenis?
En hoe kon een schilder van dit niveau eeuwenlang verborgen blijven in een vergeten kist onder het Rijksmuseum?
Het onderzoek dat daarop volgde zou uitgroeien tot een van de meest opmerkelijke kunsthistorische ontdekkingen van onze tijd. Stap voor stap kwamen aanwijzingen aan het licht die wezen naar een naam die in geen enkel geschiedenisboek voorkwam, maar die volgens sommige onderzoekers ooit behoorde tot de meest begaafde leerlingen uit het atelier van Rembrandt.
Zijn naam was... Apollo van Rijn.